zaterdag 9 december 2017

Bryce National Park – Zion National Park (UT)



Zaterdag 30 april 2016,

(Regen)water, (Rivier)water en water(val)


De afgelopen nacht hoorden we de regen op de camper. Als het ochtend is zien we dat het ook gesneeuwd heeft; natte sneeuw. De bodemtemperatuur is zeker hoog want we zien het smelten. Weer ons dagelijks ochtend ritueel en we checken even de berichten op ons blog. Leuk te lezen dat de volgers met ons meereizen. Als we vertrekken begint het weer een beetje te motregenen. We waren graag nog wat langer hier gebleven maar met dit weer is het beter om verder te trekken. Mooi weer is belangrijk maar in Bryce helemaal. Als het zwaar bewolkt is en het regent komen de hoodoos helemaal niet uit. Het is bedoeling vandaag Zion National Park te bezoeken maar eerst willen we een ander stukje van Bryce zien, namelijk Mossy Cave en daar een korte trail doen. De locatie waar we naar toe gaan ligt aan de buitenkant, in het noordoosten, van het park. We rijden het park uit en als we bij de UT12 zijn slaan we rechtsaf, richting Tropic.

Na een aantal kilometers zien we aan de rechterkant een kleine parkeerplaats met het beginpunt van de Mossy Cave Trail. Dit is een korte trail, heen en terug ongeveer 1,3 kilometer met een klein hoogteverschil van 45 meter. Met andere worden een makkelijke trail. De trail gaat naar, zoals de naam al zegt, een cave en naar een waterval en  langs de Tropic Ditch.  Vlakbij Bryce is de Mossy Cave en daar gaan we nu heen.


Tropic Ditch is geen natuurlijke rivier of beek maar is door de mormonen gegraven. Omstreeks 1850 vestigden zich de eerste pioniers in de omgeving van het huidige Tropic. De locatie lag beschut in een vallei maar het was ook een droge omgeving. Om fruit en landbouwgewassen te laten groeien was men afhankelijk van regenwater en daardoor erg kwetsbaar. De oogsten mislukten vaak door gebrek aan water. Daarom besloten de mormoonse pioniers een kanaal of slot te graven voor het bevloeien van hun akkers en boomgaarden. Ze starten met twee waterprojecten, Spring Creek en East Fork. In 1980 begonnen Ole Ahlstrom en negenenveertig andere mannen met de graafwerkzaamheden van een ditch (sloot). Een 10 mile lang irrigatiekanaal van Tropic naar de East Fork Sevier River. De werkzaamheden deden ze met primitieve gereedschappen en alles op handkracht.

Om het graafwerk te vergemakkelijken namen ze een natuurlijke route door laagten langs Bryce Canyon. Ook gebruikten ze de route van Water Canyon, een ondiep ravijn in Bryce, waar ook de Mossy Trail door gaat. Door natuurlijk laagten te volgen werd de totale te graven lengte wel langer maar kostte het minder inspanning. In de lente van 1892 was het klaar en kon het water naar Tropic Valley stromen. Binnen het Bryce Canyon National Park stroomt het water nog steeds door de oorspronkelijke route die door hardwerkende pioniers werd gegraven. De aanleg van het irrigatiekanaal heeft wel tot gevolg dat gehad dat een deel van de hoodoos aan weerskanten sneller zijn geërodeerd en zijn verdwenen. Ook nu profiteert Tropic en de omgeving nog steeds van de inspanningen van de pioniers uit 1890.
De wandelschoenen aan en wij gaan op pad om de Mossy Cave Trail te doen. In het begin zien we nog niets van de Tropic Ditch maar horen wel het water. Na een paar honderd meter zien we beneden ons het water.
De ditch heeft steile oevers. Niet veel verderop zien we een brug die we over moeten steken. 


De trail gaat door aan de rechterkant van de ditch. In de verte zien we ook hoodoos staan. Niet zoveel als in Bryce Canyon. Ook hier zijn ze mooi oranje en donkergeel van kleur. Door het water van de ditch is het hier ook behoorlijk groen en staan er bomen en struiken. Sommige struiken en bomen beginnen nu net uit te lopen, zoals elzenkatjes, wilgekatjes, en andere soorten die we niet kennen.



Ondanks dat het bewolkt is het een mooie en verrassende trail. Vooral omdat we langs de ditch lopen. Water brengt letterlijk en figuurlijk leven. Met water in de buurt is er altijd wel wat te zien. Na de brug gaan we verder en na ongeveer twee derde van de trail komen we weer bij een brug. In de verte zien we de kleine waterval, de Water Canyon Falls.


Na de brug splitst de trail zich. Naar rechts ga je naar de waterval en naar links naar de grot Mossy Cave. Als eerste gaan we naar de waterval. Via een slingerpad lopen we er heen en komen dan boven de waterval uit. Vanaf de rotsen om ons heen zien we allemaal stroompjes water naar de ditch stromen, mooi gezicht. De grond om de ditch heen bestaat uit hetzelfde materiaal wat we ook in Bryce Canyon hebben gezien. Beetje kleiachtig, geel rose en roodbruin. Als het droog is komen er allemaal scheuren in.




Zoals al eerder genoemd is het geen hoge waterval. We hebben ergens gelezen dat de waterval in het totaal maar een verval heeft van 15 meter. Doordoor is het ook geen spectaculaire waterval. Het water stroomt van het ene bassin in het andere en dat maakt het wel leuk. En dan te bedenken dat dit niet een natuurlijk waterstroom is maar een sloot die mensen meer dan honderd jaar geleden gegraven hebben. Het water was voor de pioniers belangrijk maar dat heeft wel tot gevolg dat door de graafwerkzaamheden veel hoodoos verdwenen zijn of sneller zullen eroderen. Door het uitgraven voor de ditch glijdt alles sneller naar beneden.

Een stukje verder kun je de Tropic Ditch oversteken en doorlopen naar Turret Arch and Little Windows. Dat zijn een paar hoodoos die boven op een hoge heuvel staan. Het is wel een korte pittige wandeling omdat het vrij steil is maar best te doen. Wij doen het niet want wij kunnen het zo wel zien. Het is eigenlijk een smalle rotsmuur. Het ontstaan van losstaande hoodoos is hier mooi te zien. Er zit een gat in en als die tot boven doorbreekt heb je een hoodoo.  

Om ons heen groeien veel planten die net boven de grond komen of bloeien. Omdat het hier hoog is, is het veel kouder en daardoor is het ook later voorjaar. Voor ons mooi, zo hebben we een lang voorjaar.

Terug naar de splitsing en dan richt Mossy Cave. Het is eigenlijk geen grot maar een uitholling in de rots of een overhangende rotswand. De naam zegt het al mossige grot en dat klopt ook wel. Tegen het plafond groeien allerlei soorten mos en daar druppelt water doorheen. Het water loopt door de rots en omdat hier een holte is, zie je het water naar beneden druppelen. In de winter bevriest dat en krijg je prachtige ijspegels. Omdat de cave op het noorden ligt blijven de ijspegels lang hangen. Hiervan hebben we prachtige foto’s gezien maar het is nu al te ver in seizoen en te warm. Al het ijs is al gesmolten. Er ligt nog een klein stukje ijs op de bodem. Voor het verslag op internet nog naar een foto gezocht met de Mossy Caev die vol hangt met ijspegels. Je kan niet in of onder de cave komen. Er staat een hek om te voorkomen dat bezoekers in de cave komen.
















Het is tijd om weer verder te gaan. Dit was best wel even leuk om te zien. Als je de trail doet naar de waterval en de cave, is die ongeveer 1,3 kilometer met een hoogteverschil van 45 meter. Doe je de Turret Arch en Little Windows erbij dan is het een wandeling van 1,75 kilometer met een hoogteverschil van 130 meter. Alles met elkaar ben je 1 tot 1,5 uur kwijt aan de wandeling. Rustig lopen we terug naar de parkeerplaats en onze camper.
Het is tijd om naar Zion te gaan. Over de 12 gaan we weer richt Red Canyon en de twee korte tunnels. Nog even stoppen voor een paar foto’s.





















Na het foto moment gaan we weer verder en even later is duidelijk te zien dat Bryce heel hoog ligt. Voor ons de laagte tussen Bryce Canyon en Dixie National Forrest.
Weer verder tot we bij de afslag van de 89 komen. Die nemen we en we gaan south, richting Hatch. Dit is de route die we gisteren ook gedaan hebben. We moeten helemaal terug tot Mt. Carmel Junction en dan afslaan naar de 9. We komen weer door Hatch en zien de bloeiende fruitbomen. Het weer wordt er niet beter op en de ruitenwissers moeten aan. Op zich niet erg, wij zitten droog maar zo is er weinig te zien van de omgeving. Liever dat het nu valt dan morgen en misschien wordt het straks wel weer droog. Maar afwachten wat voor weer we in Zion hebben. 


Na Glendale, krijgen we Orderville en dan Mt. Carmel Junction. Daar zien we de afslag naar de 9 en Zion National Park staat al aangegeven. Vanaf de Red Canyon is het ongeveer een uurtje rijden tot het Visitor Center in Zion. Met de camper doe je er iets langer over. Het is hier mooi groen alleen de regen maakt het wat triest. Dan komen we bij de parkgrens en nemen even een foto van de sign van het park. Je kan hier heel duidelijk zien dat de weg van het park is, van zwart asfalt gaan we over op rood asfalt.

Na ongeveer een kilometer komen we bij de East Entrance. Daar laten we onze parkenpas zien en krijgen een brochure van het park. Weer verder en na een paar honderd meter is er een pull out en daar parkeren we de camper. Even tijd voor pitstop en ondanks het weer genieten we van de omgeving. Voor ons uit zien we een typisch gegroefde berg, Checkerboard Mesa (Schaakbord Tafelberg). De naam is wel leuk gevonden. Het lijkt wel op een schaakbord maar nog meer op een dambord. De hele wand van de berg bestaat uit vakjes.



















Deze berg hoort bij een deel van het Colorado Plateau. De berg ligt 2.033 meter boven de zeespiegel en bestaat uit Navajo Sandstone. Dit is ook de meest aanwezige formatie soort in het park. Op sommige plekken is die laag wel 700 meter dik.
Op afstand lijkt het alsof iemand een ruitjespatroon in de rotsen heeft gekrast. Dit zijn de versteende zandduinen die miljoenen jaren geleden bedekt zijn met diverse horizontale afzettingslagen. De erosie tussen die verschillende horizontale lagen heeft dit veel duidelijker gemaakt. Dit is nu zichtbaar als groeven. De verticale groeven, vooral aan de noordkant, zijn ontstaan door regen, sneeuw, vorst en waterstroompjes. Als iedere keer het water op dezelfde plek naar beneden loopt, slijt het uit. Vooral bevriezen en weer ontdooien zorgt ervoor dat het proces nog steeds door gaat. Op het eerste gezicht lijkt het alsof het nep is…..maar niets is minder waar. Kijken we de andere kan op dan zien we een ander grote berg, dat lijkt wel een grote taart.


Het is weer tijd verder te gaan. Het is duidelijk te zien dat we hoog zitten. Om ons heen zijn allemaal grote bergen en rotsen. De kleur varieert van licht tot donkergrijs met bruine en oranjerode vlekken en strepen. Het is een bochtige weg maar best te rijden. We rijden nu over de Zion Mount-Carmel Highway maar deze weg wordt ook wel Scenic Byway genoemd. Deze weg, een deel van de UT-9, komt uit in Zion Canyon.

De aanleg van Zion - Mount Carmel Highway werd voorgesteld door de Utah Parken Company. Deze organisatie beheerde ook de toeristische concessies van Zion National Park. Het doel van de aanleg van de Zion-Mount Carmel Highway en de bouw van de Zion-Mount Carmel Tunnel was, om een rechtstreekse toegang tot Bryce Canyon, de Grand Canyon en Zion National Park te krijgen. Het was niet gemakkelijk een goede route te vinden. De route waarvoor uiteindelijk gekozen is, vergde de bouw van tunnels, bruggen, keerwanden en ander grote kunstwerken. De bouw van de 25 mijl (40 km) lange Mount Carmel Highway en de 1,1 mijl lange Zion-Mount Carmel tunnel begon in de late jaren 1927 en werd voltooid in 1930. De snelweg is voorzien van twee tunnels met een totale lengte van 5613-voet (1.711 m) die het profiel van de Pine Creek Canyon rotswand volgen. Een vaste afstand van 21 voet (6,4 m) van de buitenzijde van de rots volgt de middellijn van de tunnel. De bouw verliep met behulp van mijn technieken in plaats van traditionele tunnelbouw technieken. De tunnel maakt gebruik van galeries die voor ventilatie en voor licht zorgden. Tijdens de bouw van de tunnel, werden rotsblokken uit de tunnel, gedumpt door gaten in de tunnelwand in de onderliggende canyon. Parkeerplaatsen werden oorspronkelijk aangelegd op de galerijen, maar hiermee werd gestopt als gevolg van de zorg over de veiligheid. Sommige galerijen zijn gerepareerd en gedeeltelijk gesloten. Dit was het gevolg van schade door rockslides. De tunnel koste $ 503.000. Op het moment van de voltooiing was het de langste verkeerstunnel in de Verenigde Staten. De tunnel verkorte de afstand van Zion tot Bryce met 70 mijl.
Vóór 1989, waren vooral veel grote voertuigen, zoals tourbussen, campers en aanhangwagens, betrokken bij ongelukken en bijna-ongelukken in de tunnel. Dit was het gevolg van een enorme toename van het aantal grote voertuigen die door de tunnel kwamen. Het bleek dat grote voertuigen niet onder de rondingen van de tunnel door konden zonder over de middenlijn komen, gevolg schade.
Er kwamen rangers aan beide uiteinden van de tunnel om het grote verkeer te regelen en te zorgen voor een veilige doorgang. Voor deze dienst, wordt $ 15 dollar in rekening worden gebracht.
Vandaag is de tunnel in principe hetzelfde als tijdens de voltooiing ervan, meer dan tachtig jaar geleden. Echter, vanwege de zachtheid van het zandsteen zijn er versterkingen aangebracht. Dit was het gevolg van een instorting van een zandstenen pijler ten westen van de 3e galerij. In 1958 brak de top uit die galerij en kwamen er tonnen aan afval in de tunnel waardoor deze weken afgesloten werd. Betonnen ribben geven nu extra ondersteuning aan de gehele tunnel. Vanwege die instorting wordt de tunnel nu, vierentwintig uur per dag, elektronisch gecontroleerd.







Rustig rijden we verder door een landschap met veel dennenbomen en verschillende rotsformaties. Het motregent een beetje en wegdek is nat dus rustig aan. Het heeft ook wel wat. Volgens ons (mot)regent hier al een tijdje. Overal om ons heen zien we waterstroompjes van de bergen afstromen. Een mooi gezicht. Helaas kunnen we niet stoppen om even te kijken. Er is geen parkeerplaats en de camper zet je niet zo in de berm. Verder is het redelijk druk. Het is een beetje filerijden met auto voor en achter ons. De pull outs die er wel zijn liggen aan de overkant van de weg en staan vol. Dus maar doorrijden naar de eerste tunnel. Die bereiken we ongeveer na 6 mile.
Het is een korte tunnel en gelukkig hoog en breed genoeg. Rustig aan want met een camper hierdoorheen rijden doe je niet dagelijks. Je weet niet hoeveel speling je hebt. Als er geen tegenliggers zijn rij je voor de zekerheid maar in het midden. Uit 2006 weten we dat de tweede tunnel heel smal en laag is en dat je met hulp van rangers door deze tunnel moet. Na 3 mile bereiken we deze tweede tunnel. We moeten wachten er staat een hele rij auto’s te wachten. Rustig sluiten we aan.



















Om beurt wordt het verkeer hier doorgelaten waarbij het laatste voertuig een stokje meekrijgt die aan de andere kant van de tunnel moet worden ingeleverd zodat men weet dat de tunnel weer vrij is. De ranger komt naar ons toe en geeft tekst en uitleg en we moeten $15, -- betalen. We moeten wachten tot de andere kant erdoor is en dan moeten we er in colonne door. Met een walkie talkie staan de rangers met elkaar in verbinding. Als wij aan de beurt zijn kunnen de gewone auto’s ook mee rijden. Deze tunnel was veel langer dan de vorige. Toch zie je er niet veel van, af en toe een venster maar dat is ook alles. Later zagen we van onderen af, uit het ravijn, één zo’n venster (zie foto). Je bent heel geconcentreerd om in het midden te rijden en je bent al blij dat je niets raakt. Omdat het donker is heb je geen idee wat ernaast en boven je gebeurt. Rustig aan want we willen niet als een cabrio uit de tunnel komen. Na een poosje komen we aan het eind en zijn we uit de tunnel. Er staat al weer een nieuwe rij campers en bussen te wachten.


Direct voor de tweede tunnel ligt een parkeerplaats voor de populaire Canyon Overlook Trail. Als het mooi weer geweest was, hadden we deze trail gedaan maar dat heeft nu weinig zin. Door de mist, nevel en motregen zien we toch niets. Verder is de trail nat en dat maakt het ook gevaarlijk.
Heen en terug is het een wandeling van 1,6 kilometer met maar een hoogteverschil van 50 meter. In Zion zijn veel uitzichtpunten maar deze is het makkelijkste te bereiken. Het eerste deel van de trail gaat over rotsachtige paden, die gedeeltelijk zijn afgezet met hekken. Naast een rotswand ga je omhoog en de rots gaat steeds meer overhangen. Beneden je zie je een smal zijravijn, de Pine Creek Narrows. Het tweede gedeelte van de trail gaat meer over open en rotsachtig terrein. Na een tijdje bereik je het uitkijkpunt bij een verticale rots. Dit uitzichtpunt ligt ruim 200 meter boven de bodem van de vallei. Als je uit de tunnel komt krijg je een aantal pittige S-bochten en omdat het wegdek nat is doen we het rustig aan. Dan komt er een pull out en daar zetten we de camper aan de kant, even kijken en een paar foto’s maken.





Op naar de vallei; zien of er op de camping nog een plekje is. We hebben niet gereserveerd en gokken dat er nog wel plaats is. Rustig rijden we naar beneden naar de vallei. Bijna tegenover Canyon Junction komen we in de vallei en kunnen maar één kant op, richting South Entrance. We gaan even kijken of er nog een camperplekje is op Watchman Campground. Als we er zijn, de camper aan de kant en bij de slagboom even vragen. Geen probleem: plek zat. Betalen en ons plekje opzoeken en installeren. Het is middag en we hebben wel zin in wat. Het weer in de vallei is prima en we kunnen buiten aan een picknick tafel ons broodje eten. In de verte zien we de grote rotsformaties van Zion. 

Zion National Park is een nationaal park in de staat Utah in het zuidwesten van de Verenigde Staten. Het park werd in het verleden ook weleens Little Zion, Mukuntuweap, Mu-Loon'-Tu-Weap (weap is Paiute voor canyon) en Straight Cañon genoemd. Een opvallend kenmerk van het 593 km2 park is Zion Canyon. De canyon is 24 km lang en maximaal 800 m diep en loopt dwars door de rode en bruingekleurde Navajo Sandstone door de North Fork van de Virgin River. Het laagste punt is Coalpits Wash op 1099 m en het hoogste punt op 2617 m is Mountain Horse Ranch. Zion National Park omvat bergen, ravijnen, canyons, tafelbergen, plateaus, monolieten, rivieren, slot canyons en arches. 
De geologie van het Zion en Kolob canyons gebied omvat negen bekende rots formaties, ook bekend als de Grand Staircaise. Al deze rotsformaties zijn zichtbaar in Zion NP. Samen vertegenwoordigen deze formaties ongeveer 150 miljoen jaar. Vooral sedimentaire afzettingen uit de Mesozoïsche tijd zijn te vinden in dit deel van Noord-Amerika.

De afzettingen in de omgeving van Zion en Kolob werden veroorzaakt door verschillende omstandigheden. Door warme ondiepe zeeën werden de Kaibab en Moenkopi formaties gevormd. Beken en meren vormden de Chinle, Moenave en Kayenta formaties en de grote woestijnen creëerden de Navajo en de Tempel Cap formaties. Als gevolg van een droge omgeving werd de Carmel Formatie gevormd. Toen de zeeën verdwenen waren kwam er minder druk op de bodem. Het gevolg was dat de aarde daar omhoogkwam, het Colorado Plateau.

De gevormde formaties kwamen veel hoger te liggen dan waar ze werden afgezet.
De hellingen werden steiler waardoor beken sneller begonnen te stromen. Vooral de North Fork, van de Virgin River, die heeft Zion gevormd. Dit gebeurde voornamelijk door krachtige en plotselinge overstromingen. De rivier sleet de rotsformaties sneller uit dan dat de zijrivieren deden. Het gevolg was dat er hoogteverschillen ontstonden met als gevolg watervallen. Sterke wind heeft de canyon muren gevormd en natuurlijke bogen gecreëerd. De 1.000 feet (300 m) hoge verticale rotswanden eroderen nog steeds. De Navajo zandsteen formatie is zeer poreus en erodeert gemakkelijk. Daardoor is het geheel onstabiel en rockslides hebben stuwmeren gevormd in de canyon. De meest recente daarvan was ongeveer 4.000 jaar geleden. Vanwege de extreme diepte van de canyon, worden bronnen gevoed door het omringende grondwater.

Het park ligt op de kruising van het Colorado Plateau, Great Basin en Mojave Desert. Het gevolg is een park met een unieke geografie en een grote verscheidenheid van life zones, zoals bijzondere soorten planten en een dierlijke diversiteit. Een enorme verscheidenheid van plantensoorten, 289 soorten vogels, 75 zoogdieren (waaronder 19 soorten vleermuizen), 32 reptiel soorten. Dit alles leeft in de vier life zones: woestijn, oeverstaten, bos en naaldbos.

Planten zoals Sagebrush, Prickly pear, cactus, Rabbitbrush, Sacred (heilige) Datura en Indian Paintbrush zijn vrij algemeen. Utah Penstemon, Golden Aster maar ook de Milkvetch en Prince's Plume groeien op woestijnachtige gronden.

Algemeen voorkomende dieren zijn Mule Deer, Rock Squirrels, Pinyon Jays, Whiptail, Lizards, Desert Cottontails en Jackrabbits. Grotere roofdieren zijn Cougars, Coyotes, Gray Foxes en Ring-tail Cats. Op de koelere hellingen (1,200 tot 1,700 m) vinden we onvolgroeide bossen van pinyon pine en Juniperus met manzanita struiken, cliffrose, serviceberry, Scrub Oak, en yucca. Boven de 1800 m en op de mesa’s vinden we de Ponderosa Pine, Gambel Oak, manzanita en populieren. Golden Eagles, Red-tailed Hawks, slechtvalken en withalsgierzwaluwen worden gezien in het gebied. California Condors en het Dikhoornschaap werden geïntroduceerd in de jaren 1990. Esdoorns, Fremont Cottonwood, en wilg domineren wateroevers.

Twaalfduizend jaar geleden leefden er al indianen in het gebied van Zion. Zij joegen op mammoeten en kamelen, tot deze dieren achtduizend jaar geleden door klimaatveranderingen uitstierven. De indianen moesten op andere dieren gaan jagen en de eetgewoonten werden aangepast. Toen ongeveer tweeduizend jaar geleden steeds meer dieren uitstierven en het moeilijker werd om in leven te blijven door het jagen en verzamelen, begonnen ze met landbouw. Dit van de landbouw levende volk staat bekend als de Anasazi en zij leefden tot ongeveer achthonderd jaar geleden in het gebied. In deze periode werden er ook vaste dorpen gebouwd, ook wel pueblos genoemd. Archeologen noemen dit de archaïsche periode. Dit waren de voorvaderen van de latere semi-nomadische Basketmaker Anasazi (300 CE). Uit deze periode zijn manden, touw, netten en sandalen, gemaakt van yucca vezels, gevonden. De speer punten werden vastgemaakt aan een extra houten stok, atlatls, zodat men verder kon werpen. Basketmaker woningen waren bekleed met gras of steen. Hadden opslagruimtes en waren ondergrondse woningen, de zogenaamde pithouses. Ze waren jagers en verzamelaars die hun dieet aanvulden met een beperkte hoeveelheid landbouwproducten. Lokaal verzamelde pijnboompitten waren belangrijk voor de voedselproductie en handel. Achtereenvolgens kreeg men de Virgin Anasazi cultuur (500 CE) met permanente gemeenschappen. In het gebied leefde ook een andere groep, de Parowan Fremont. Beide groepen vertrokken omstreeks 1300 uit het gebied en werden opgevolgd door de Parrusits, Ute en diverse andere Zuid-Paiute substammen.
Deze nieuwkomers trokken door het gebied op basis van de seizoenen. Sommigen, vooral de zuidelijke Paiute, verbouwden op de akkers maïs, zonnebloemen, en squash om hun dieet aan te vullen.

Padres Silvestre Velez de Escalante en Francisco Atanasio Domínguez waren, in 1776, de eerste blanken in dit gebied. In 1825 verkende, trapper en handelaar Jedediah Smith, voor de American Fur Company enkele van de stroomafwaarts gelegen gebieden.
In 1847 waren de Mormoonse boeren, uit het Salt Lake gebied, de eerste mensen van Europese afkomst die zich vestigen in de Virgin River regio en met name in het noorden van het park. De mormonen kapten bos voor de houtproductie en op de vrijgemaakte grond hielden ze vee, schapen en paarden. Ze zochten naar minerale afzettingen, en verlegden rivieren om gewassen te irrigeren in de valleien. Mormon kolonisten noemden het noordelijke gebied Kolob.
Kolob in het Mormoonse Schrift, de eerst scheppingen, een hemelse plaats en het dichtst bij de woonplaats van God. Wij danken de naam Zion aan een andere Mormon, Isaac Behunin. In 1863 vestigde hij met zijn familie zich in Zion. Zij verbouwden maïs, tabak en teelden fruit. Het was deze familie die Zion haar naam gaf. 'Zion’ betekent in het mormoons zoiets als 'een plek van rust en veiligheid'.

Hij zou ook gezegd hebben: "Deze grote bergen zijn natuurlijke tempels van God. We kunnen hier bidden als de door de mens gemaakte tempels in Zion (Jeruzalem). Laten we het Little Zion noemen. Zion is ook de plaats, die beschreven is in 'the Book of Mormon'. Zion was de veilige vluchthaven, waar de mormonen toen op zoek naar waren. Behunin vertelde in Salt Lake City enthousiast over het gebied waarop hogere mormonen kwamen controleren of Behunin inderdaad Zion gevonden had. Het Bijbelse Zion een plek van vrede, rust en veiligheid. Men concludeerde dat het inderdaad een mooi gebied was, maar het was niet Zion. Een tijd lang heette de canyon daarom zelfs Not-Zion. Veel namen uit dit gebied zijn afkomstig van de Mormonen, a.o. Angels Landing, The Great White Throne, The Three Patriarchs, Zion (Zion is een van de namen van Jeruzalem in het oude Hebreeuws)

John Wesley Powell bezocht Zion Canyon in 1872 en noemde het Mukuntuweap. Hij was onder de indruk van de Paiute naam voor dit gebied. In 1880 stelde de wetenschapper Clarence Dutton: 'Niets kan de wonderlijke schoonheid van Zion overstijgen. Het is ongeveer even groot als Yosemite, maar de schoonheid en nobelheid van de rotsformaties is onovertroffen. Er is een welbespraaktheid in hun vormen die de verbeelding aanspreekt.'. Door de inzet van Dutton werd het gebied in 1909, door de Amerikaanse president William Howard Taft, een Nationaal Monument en werd het bekend onder de naam Mukuntuweap National Monument (vertaald uit het Pauite, straight canyon). In 1918 veranderde de waarnemende directeur van de nieuw opgerichte National Park Service, de naam van het park in Zion omdat de oorspronkelijke naam, Mukuntuweap, plaatselijk zeer impopulair was, het was niet uit te spreken en zou bezoekers afschrikken. In 1919 werd het een National Park, en in 1937 werd het park uitgebreid met Kolob.

Reizen naar het gebied, vóórdat het een nationaal park werd, was zeldzaam. Dit vanwege de afgelegen ligging, het ontbreken van accommodaties, en de afwezigheid van echte wegen in het zuiden van Utah. Wegen werden opgewaardeerd en vanaf omstreeks 1917 werd er een weg naar Zion Canyon gebouwd, zo ver als The Grotto. De eerste accommodatie in Zion Canyon was, Camp Wylie, een tentenkamp. De Utah Parken Company, een dochteronderneming van de Unie Pacific Railroad, kocht in 1923, Wylie Camp en bood tiendaagse trein/bus reizen aan naar Zion, Bryce Canyon, Kaibab, en de North Rim van de Grand Canyon. De Zion Lodge complex werd gebouwd in 1925 op de site van de Wylie tentenkamp.
Na ons broodje is het tijd on Zion te gaan verkennen. Dat doen we met de gratis shuttlebus omdat je van half maart tot eind oktober niet met je auto of camper door het park mag. Nog even een rugzakje mee pakken met wat drinken en fruit en op weg. We lopen naar het Visitor Center waar de dichtstbijzijnde shuttle stop is. Er zijn twee bus routes. De groene de Zion Canyon Shuttlebus door het park over de Zion Canyon Scenic Drive. De rode route, Springdale Shuttlebus, die buiten het park gaat naar het plaatsje Springdale en de hotels. Wij pakken de groene route en die heeft in totaal acht stops. De rit vanaf het Visitor Center tot de laatste stop, The Temple of Sinawava, neemt ongeveer 45 minuten in beslag.

Lang hoeven we niet te wachten en dan kunnen we instappen. We besluiten gelijk naar het eind te rijden en daar de River Side Walk te doen. Als we die gedaan hebben kunnen we op de terugweg altijd nog besluiten wat we nog gaan doen.
Eerste busstop is bij Zion Museum en de tweede busstop is bij Canyon Junction, waar wij Zion inkwamen. De derde busstop, Court of the Three Patriarchs Viewpoint. Hier zijn drie rotsformaties en de naam zegt het al genoemd naar de drie Bijbelse stamvaders Abraham (2.101 meter), Isaac (2.081 meter) en Jacob (2.083 meter). Er is ook een korte trail van 100 meter naar een vieuwpoint vanwaar je een nog beter zicht hebt op de Patriarchs. Hier begint ook de Sand Bench Trail. Dit is een lange trail van 12,2 kilometer en met een behoorlijk hoogte verschil van 142 meter


De vierde busstop is bij Zion Lodge en hier beginnen ook enkele trails. De korte Grotto Trail van 800 meter loopt evenwijdig aan de Zion Canyon Scenic Drive. Op het eind kom je gelijk bij de vijfde busstop: The Grotto. Onderweg zie je Red Arch Mountain (1.807 meter hoog). Hier kun je ook starten met de de Emmerald Pools Trails. De bedoeling is dat we die morgen gaan doen. De vijfde busstop is dus The Grotto en ook hier beginnen een paar trails. Zoals Angels Landing. Als het morgen goed weer is doen we die als eerste.     Een andere trail is de Kayenta Trail van 3.2 kilometer die ook aansluit op de trail naar Emmerald Poold. Tussen de vijfde en de zesde bus stop zien we hele grote rotsformaties zoals The Great White Throne (2.056 meter), Angels Landing (1.765 meter) en The Organ (1.554 meter). De zesde busstop is bij Weeping Rock. Naar deze rotsformatie gaat een korte trail en misschien kunnen wij die straks wel doen als we teruggaan naar de camping.

Een andere trail die begint bij Weeping Rock is Hidden Canyon Trail. Met de wandeling door de canyon en het hoogteverschil van 305 meter is het een zware trail van 5,4 kilometer. Nog een andere trail die begint bij Weeping Rock is Observation Point Trail. Dit is een 12,9 kilometer lange trail met een hoogteverschil van 655 meter en daardoor erg zwaar. Als je die trail gaat doen ben je een goot gedeelte van de dag onderweg. Als je op het eindpunt staat heb je een prachtig zicht op Zion Canyon en aan de overkant zie je de veel lagergelegen top van Angels Landing. De zevende stop is bij Big Bend. Het woord Big Bend zegt het al, het is een grote bocht in de Virgin River. De achtste en laatste stop is bij de Temple of Sinawava. 

De Temple of Sinawava is vernoemd naar een krachtige Paiute (Native American) godheid, bekend als de Coyote of Wolf God. De Temple of Sinawava is niet een piek maar een plek waar bergen samen komen en een soort amfitheater vormt. 

 









De steile bergen omringen je aan drie kanten. Als we uit de bus stappen hebben we gelijk het uitzicht op twee vrijstaande smalle rotsformaties. Deze staan aan de andere kant van de Virgin River. Deze twee rotsen noemen ze the Altar and the Pulpit vertaalt het altaar en de preekstoel. De (preek)stoel herkennen we wel maar het altaar? Och met een beetje fantasie lukt het nog wel. Deze rotformaties markeren ook het begin of het eind van de Telephone Canyon. Dit is een cayon die heel populair is voor klimmers en avonturiers die van canyoneering houden. 


 
Vaak doen ze de canyon in combinatie met de west rim trail. Die begint bij de Grotto, dan naar Angels landing en bij Scouts Lookout de West Rim Trail volgen. Dan aan de westzijde van de Virgin River tegenover Sinawava Temple overdwars door de Telephone Canyon. Het is een hele zware trail van ruim 9 uur waarbij je moet klimmen en afdalen via touwen. Dus echt niet iets voor watjes. 






















Het gebied van de Temple of Sinawava is  groen. Er groeien veel grote bomen, cottonwoods. Dat is een populieren soort die heel goed over water kan. Zelfs als de boom tijdens een overstroming een tijdje in het water staat is dat geen probleem. Deze soort kan 7 tot 15 meter hoog worden. In het voorjaar krijgen ze pluizige zaden wat op katoenpluis lijkt. Vandaar ook de naam cottonwood.

Onder de bomen lopen we door naar de grote rotswand tegen over ons. Daar zien we een waterval. Veel water komt er niet uit maar het is best leuk om te zien. In 2006 waren we hier ook met onze kinderen maar toen was deze waterval droog. In het voorjaar en als het een lange periode geregend heeft moet het wel een spectaculaire waterval zijn. De waterval is niet erg bekend en na wat zoekwerk komen we erachter dat het de Ephemeral Waterfall is. Aan de rand van de Virgin River zetten we de waterval op de foto.


Dan doen we de korte (3,5 kilometer heen en terug) Riverside Walk Trail die naar The Narrows gaat. Zoals de naam al zegt, Riverside Walk, lopen we langs de Virgin River. Het is een gemakkelijk en populaire trail over een verhard pad. Daarom is het er ook altijd vrij druk. Daarom lopen we zoveel mogelijk langs de rivier. Dit kan alleen maar het eerste stuk, dan zijn er nog zandpaden door grasvelden en tussen struiken door. Hoe verder richting the Narrows hoe meer je moet klimmen over grote rotsblokken. En dan gaan wij ook maar over het beton pad. Aan de rechterkant een rotswand en aan de andere kant de Virgin River en dan weer een rotswand. De wanden van het ravijn komen steeds dichter bij elkaar. Het is best een leuke trail en onderweg hebben we vermaak, squirrels. Ze bedelen om eten maar van ons krijgen ze niets ondanks dat ze heel mooi gaan zitten of zelfs in een boom klimmen.



















The Virgin River is één van de vele zijrivieren van de Colorado rivier. De rivier is ongeveer 261 kilometer lang en het is geen grote en woeste rivier. Over de naam van de rivier gaan verschillende verhalen. De eerste versie is dat Spaanse ontdekkingsreizigers bij het zien van de rivier deze vernoemden naar de maagd Maria. In de andere versie is de rivier later vernoemd naar de mountainman Thomas Virgin.

In 1826 reisde Thomas Virgin met bonthandelaar Jedediah Smith door dit gebied. Smith noemde de rivier de Adams River, naar de toenmalige president John Quincy Adams. De latere kaartenmaker John C. Fremont gaf de rivier zijn huidige naam. Reizigers die over de The Old Spanish Trail reisden volgden, in de beurt van St. George, ook een deel van de Virgin River.

De oorsprong van de Virgin River ligt in het zuidwesten van Utah, in het Navajo Reservoir van Dixie National Forrest. Dit gebied ligt ten noorden van Zion National Park. De North Fork begint bij Navajo Lake. De Deep Creek, Kolob Creek, Goose Creek en Orderville Creek monden vervolgens ook uit in de North Fork Virgin River. De North Fork stroomt ook door de Narrows en Zion Canyon en komt dan voorbij Springdale samen met de South Fork. Het beginpunt van de officiële Virgin River wordt gevormd door de samenvloeiing van de East Fork Virgin en de North Fork Virgin River.

Vervolgens monden nog een aantal andere rivieren uit in de Virgin River voordat zij weer uitmondt in Lake Mead en dus de Colorado River. 





De Virgin River stroomt door een droog gebied maar door het water van de rivier leeft er langs de oevers een verrassend scala aan planten en dieren. Het gebied waar de Virgin River doorheen stroomt ligt op een kruispunt van drie fysiografische regio's: het Colorado Plateau, de Great Basin en de Mojave Desert. Alle drie gebieden met uitzonderlijke landschappen en habitats met unieke planten- en dieren gemeenschappen en diersoorten die nergens anders in de wereld leven. Zonder het water van de Virgin River zouden deze planten en dieren er niet kunnen leven.
 





Het is lekker druk op deze trail en om ons heen horen we alle talen, al zijn de japanners wel weer in de meerderheid. Vanaf en door de rotsen druppelt water waardoor er verschillende planten op de rosten groeien, varens, veel soorten mos maar ook andere planten. Ook even bij de Virgin River kijken. Op sommige plekken stroomt de rivier snel. Vooral als er veel rotsblokken liggen. Op andere plekken is de rivier breder en is het water een stuk rustiger. Dat zal soms ook wel anders zijn als het erg geregend heeft of van het smeltwater. Als we achteromkijken waar we vandaan komen, the Temple of Sinawava kunnen we echt zien dat de rotswanden uit elkaar gaan en dat het daar wijder wordt. 


Op het eind komen we bij the Narrows en de naam is goed gekozen. De rotsen komen hier heel dicht bij elkaar. Het is hier druk. Iedereen rust hier even en geniet van de omgeving. Een enkeling loopt op blote voeten door het water maar dat valt niet mee, het is nog veel te koud. Er staat ook niet veel water en de bodem ligt bezaaid met stenen en dat loopt niet prettig op blote voeten. Ook zijn de stenen glad van de algen dus ze glibberen alle kanten op. Hier zijn wat muurtjes en plekken waar je kunt zitten om wat te eten en te drinken. Wel voorzichtig want voor dat je het weet hebben de squirrels het te pakken.

Je kunt the Narrows inlopen maar dan is het wel verstandig dat je schoeisel of speciale (met enkel ondersteuning) laarzen draagt. Deze laarzen kun je ook huren in Springdale. The Narrows is een gedeelte van de canyon van de North Fork van de Virgin River. Dit gedeelte, vanaf Riverside Walk Trail tot Big Springs, is ongeveer 3,6 mijl (6 km) lang. Je mag enkele mijlen diep de kloof ingaan zonder permit Als je verder wil, moet je vooraf een permit regelen. Je kan dus ook verder naar Chamberlain Ranch. Dat is een (zware) tocht van 2 dagen met een lengte van 16 mile. Dan heb je dus wel een permit nodig.

De hike door de Narrows is erg populair. De hoogte van het water varieert en is afhankelijk van het seizoen. Vooral tijdens de lente wordt de trail regelmatig afgesloten omdat het water dan te hoog staat. Op veel plekken komt het water maximaal tot aan je knieën maar het kan ook voorkomen dat je tot aan je middel door het water moet lopen. Als je de tocht gaat lopen moet je bij het Visitor Center informeren naar de weersverwachtingen. Bij regenbuien is er gevaar voor flash floods (plotselinge overstromingen). De omgeving en de bodem van Zion heeft weinig of geen bodembedekking en kan weinig water opnemen en vasthouden. Het water wordt dan zeer snel afgevoerd en dat komt samen in de rivier. Hierdoor stijgt het water in een korte tijd heel snel en wordt de rivier een woeste stroom die alles met zich mee sleurt. De onderlinge afstand van de canyonwanden is wisselend, waardoor er een kloof ontstaat met een breedte van 10 tot 30 meter. Hierdoor loop je het grootste gedeelte in de schaduw. De rotswanden zijn gemiddeld 300 meter hoog.


Even rustig zitten en om ons heen kijken. We zouden wel door the Narrows willen lopen maar we hebben geen laarzen en met schoenen aan is het water veel te koud. Trouwens het is dieper dan we dachten. Er lopen een paar in het water en het valt hen behoorlijk tegen. Met moeite kunnen ze op de been blijven. Dat komt ook omdat het water nog behoorlijk snel stroomt. We vinden het wel best. Even wat eten en drinken en dan lopen we terug. De Riverside Trail is een leuke trail om te doen.





Het is halverwege de middag als we terug zijn bij de shuttlebus van the Temple of Sinawava. Nu willen we weleens kijken bij Weeping Rock en bij die halte stappen we uit. Het is maar een korte trail, 600 meter en klim naar Weeping Rock. Het is een overhangende rots waar het water vanaf loopt. Onderaan de rots en op de rotswanden groeien veel mos- en varen soorten. Ook bloeien er kleine oranjerode bloemen die op  orchideeën lijken, maar het is Scarlet Monkeyflower. Verderop bloeien blauwe bloemen, de Zion Shooting Star. De bloemen lijken op die van de aardappel maar het is familie van de primula. Hoe ze aan de naam Shooting Star komen weten we niet. Beide soorten houden van veel water.


















Langs de rots loopt het water naar beneden en bij de uitsteeksels druppelt het omlaag. Verderop is een rots die zover overhangt dat je er onderdoor kunt lopen. Er is een muurtje gemetseld waar je achter kunt staan en dan stroomt het water voor je langs naar beneden. Niet veel water maar aardig om te zien.


Dit was best leuk om even te zien. Voorwaarde is wel dat dat er water is. We gaan terug naar de bushalte en nemen de shuttlebus weer. Bij de Grotto stappen weer uit, we willen namelijk de Emmerald Pools doen. Nu hebben we nog tijd over en morgen moeten we maar weer afwachten. Via een footbridge steken we de Virgin River over en pakken de Kayenta Trail. Die sluit op alle pools aan, de Lower, Middle en Upper. 


De Kayenta Trail is 1,45 kilometer en makkelijk te doen. Het is ook een rustige trail omdat de meeste mensen vanaf Zion Lodge en via de Lower of de Middle Emmerald Pool Trail naar de pools gaan. De Kayenta Trail is prachtig om te doen omdat je een fantastisch zicht hebt op de vallei en de Virgin River. 




















Wat ons opvalt is dat hier op de hellingen grote groepen cactussen staan; die hebben we hier verder in het park nog niet gezien. Aan de overkant van de rivier zien we een grote rotsformatie, het is de Red Arch Mountain. Dat komt door de kleur en omdat in de voorkant van de berg een stuk in de vorm van een boog eruit mist. Verder veel bloeiende planten maar heel weinig vogels. We zien en horen ze niet, jammer. In de verte zien we al de waterval van de Upper Emerald Pools.























We lopen bij de rivier vandaan en gaan een soort canyon in. In de verte voor ons Lady Mountain. Nu zien we niet alleen de bovenste waterval die in de Upper Emmerald Pool valt maar ook de watervallen die uit de Middle Emmerald Pools stromen. Prachtig.


Het pad begint te stijgen maar het is best te doen en we komen steeds dichter bij de watervallen. We krijgen een prachtig zicht op een plateau waar de tweede serie van drie watervallen van afvallen. Het zijn geen grote stromen water en als er veel water is zal het nog indrukwekkender zijn. Op een gegeven moment kunnen we kiezen, naar de Lower of de Middle. We hebben nog tijd en het wordt de Middle dan kunnen we daarna de Lower nog doen. Via een 400 meter lang rotsachtig pad klimmen we naar boven. Op sommige plekken zijn er treden in de rotsen uitgehouwen.


 


















Na een leuke klauterpartij zijn we er en komen we op een vlak stuk. Even verderop zien we de Middle Emerald Pools. Het water komt in een stroompje vanuit de Upper Emerald Pool en stroomt in de Middle Emerald Pools en loopt dan via een paar stroompjes door over de rotswand naar de Lower Emerald Pools. Leuk om te zien. Het zijn geen grote waterpoelen. Er omheen is het erg groen met heel veel planten, struiken en bomen. Ja, wat wil je ook met al dat water. In het water zitten algen die de poelen hun karakteristieke, smaragdgroene kleur geven. Vandaar ook de naam Emerald Pools. We lopen naar de rand maar er zijn touwen gespannen om te voorkomen dat bezoekers te dicht bij de rand komen met alle gevolgen van dien. Er lopen twee grote en een klein waterstroompje over de rand. Door het water en de algen is de ondergrond glad en zelf vliegen kunnen we nog niet.


Ongeveer 25 meter lager ligt de Lower Emerald Pool maar die gaan we straks wel bekijken. Vanaf de rand hebben we een prachtig uitzicht op een stukje canyon dat uitkomt in Zion Canyon. In de verte zien we Red Arch Mountain en Lady Mountain, prachtig om te zien. Wij staan in de schaduw en de genoemde rotsformaties lichten mooi op in de zon. 

Vanaf deze plek kunnen we de bovenste waterval, The Upper Emerald Pool, niet goed zien. Dan moeten we achter de pools langslopen en ongeveer 61 meter klimmen over een 640 meter lang pad. We hebben gelezen dat het geen gemakkelijk pad is en helemaal bezaaid is met rotsblokken. We geloven het wel en gaan niet naar de Upper Pool. De Upper Emerald Pool is de grootste van de drie waterplassen. Het is een klein bergmeertje, ‘t ligt ineengeklemd tussen een rotswand en een klein zandstrand. Om de pool liggen  rotsblokken en er groeien veel planten. In het verleden mocht je in het meertje zwemmen maar tegenwoordig mag dat niet meer. Dat is om de waterkwaliteit en het leven in het water te beschermen. Het water valt als een sluier 100 meter naar beneden in de Upper Pool. De waterval wordt gevoed door stroompjes uit de Heaps en Behunin Canyons die hoog boven op de klif liggen.  







Het is tijd verder te gaan en gaan naar de Lower Emerald Pool. Via een ander route dalen we af. Het is een leuke 400 meter lange wandelroute en heel afwisselend. Over traptreden die uitgehakt zijn in de rotsen, dan weer een vlak stuk en het volgende moment lopen we onder uitstekende rotsen door. Daar hebben ze wel een hekje langs gezet. Het pad gaat verder en we kunnen de waterval al horen. Als we om de bocht omkomen zien we de watervallen vanaf de zijkant en dan te bedenken dat we nog geen halfuurtje geleden de watervallen van bovenaf zagen. De eerste is een klein stroompje en verderop zien we nog twee met veel meer water. Dat zal in het voorjaar als er meer water is een prachtig gezicht zijn. 


Je kunt achter de watervallen langs lopen en in de verte zien we daar bezoekers lopen.
Nu is ook goed te zien dat het een redelijk hoge watervallen zijn. Ook wij lopen door om achter de watervallen te komen en hoe dichter we bij komen hoe mooier wij het vinden.  is. Nanda is hier op 23 oktober 2006 ook met Tjibbe geweest. Toen was het al laat in het seizoen en kwamen er maar een miezerig stroompje water naar beneden. Het is nu wel anders zegt ze, veel spectaculairder.


 
Het water klettert naar beneden en het is allemaal opstuivend water. Hierdoor wordt het pad achter de waterval ook kletsnat en moet je oppassen dat je niet uitglijdt. Dit hebben we nog niet vaak gedaan, achter een waterval lopen en staan. In Amerika hebben we al heel veel watervallen gezien maar dus nog niet zo. Dit is best leuk, door een gordijn van water kijken. Het is net of sta je achter een douche.

Na het verplichte foto moment gaan we verder. Het is nu nog ongeveer een kilometer tot we bij de bus stop van Zion Lodge komen. Het is een gemakkelijke wandeling met een gering hoogteverschil. Omdat het pad naar beneden afloopt gaat het ook makkelijk. Als je vanaf Zion Lodge naar de Emerald Pools wilt steek je de Virgin River over. 

Na een tijdje heb je de keuze, de trail naar de Lower, 1 kilometer of de trail naar de Middle van 1,6 kilometer te doen. Van de Lower kun je dus naar de Middle en de Upper en omgekeerd. Het is een erg leuke en afwisselende trail en wij vonden het prachtig om te doen. Dat komt natuurlijk ook omdat de watervallen stromen.

Na een korte wandeling komen we bij de brug en steken we de Virgin River weer over en lopen door naar de bus stop van Zion Lodge. De bus is net weg en we moeten even wachten. We gaan op een muurtje zitten. Even later horen we lawaai achter ons. Als we ons omdraaien zien we drie deers die daar aan het grazen zijn. Ze zijn helemaal niet bang en trekken zich nergens iets van aan.



















Even later komt de bus en stappen we in. Wat hebben wij het vandaag getroffen met het weer. Vanochtend toen we hier heen reden (mot)regen en vanochtend de hele middag droog. Lekker weer met af en toe de zon. Heerlijk. Boven in de bus hangen posters over het park. Ook een post over squirrels die last hebben van obesitas.


Heel goed de bezoekers er op te attenderen. Zoals we bij the Narrows al gemerkt hebben zijn het echte schooi beestjes. Ze zien ons mensen als een wandelende Mc. Donald en eigenlijk zijn we dat ook wel een beetje. Het is heel verleidelijk deze grappige en kwieke  diertjes wat lekkers te geven maar zoals de poster het al zegt is het niet verstandig. De bus brengt ons weer  naar het Visitor Center en daar stappen we uit en lopen terug naar de camping.
Als we vlakbij de camper zijn zien we er achter wat bewegen, twee deers. Die staan rustig te grazen. Wat een thuiskomst, prachtig

Camper open en de wandelschoenen uit. We halen de campingstoeltjes onder uit de camper en gaan mooi in de luwte en in de zon genieten van het uitzicht. Een drankje, hapje en de e-reader erbij en wie doet je wat. Heel langzaam zien we de zon achter de bergen verdwijnen waardoor anderen in de schaduw komen te staan. Tegenover ons zien we een grote rotsformatie. De meest linkse is de Watchman waar de camping ook naar genoemd is.


The Watchman is een indrukwekkende rotsformatie van zandsteen. Als je het park in komt is die het beste te zien. Er is ook een 3,2 mile lange trail, The Watchman Trail die naar de Watchman Overlook gaat. De trail eindigt aan de rand van de 1995 meter hoge Watchman Peak. Vandaar heb je een goed uitzicht op Zion Canyon, Oak Creek Canyon en het stadje Springdale. Het is een pittige trail met een hoogteverschil van meer dan 232 meter. Ach op zich is dat maar een peulenschilletje voor ons. Als het weer goed is gaan we morgen Angels Landing doen. Die trail is heen en terug 4.4 mile met een hoogteverschil van 453 meter. 

Daarom maken we het vanavond maar niet te laat. Met het blog aan de gang; alleen kunnen we het niet versturen, geen wi-fi. Niet erg staat het klaar en zodra we de kans krijgen versturen we het wel. Dan nog even buiten zitten totdat het te donker wordt. Nog even lezen en dan naar bed en maar duimen dat het morgen goed weer is. Het was vandaag weer een prachtige dag met veel variatie. Totaal 91 miles gereden.





Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Onze reiservaringen per auto en camper van San Francisco naar Las Vegas.

Het is voorbij; de reis van 39 dagen is omgevlogen. Een geweldige reis en als we de foto’s en het reisverslag zien genieten we weer met...